Jack Tummers

januari 2013

Contact en informatie

Website Stichting ZorgDier Nederland

Website Stichting ZorgDier NederlandDeze week hebben we de nieuwe website van Stichting ZorgDier Nederland afgerond. Min of meer want hier en daar, zoals dat gaat met websites, zijn er altijd nog dingen die toegevoegd kunnen worden of gewijzigd. Een website is eigenlijk nooit af en kan altijd beter, en zo hoort het ook. Stichting ZorgDier Nederland werft vrijwillige huisdierbegeleiders met honden en katten die na een gedegen selectie en training wekelijks bezoeken brengen aan mensen met psychische problemen, verstandelijke beperkingen en kwetsbare ouderen. Ze doen dit inmiddels sinds hun oprichting in 2003 en steeds meer (zorg)instellingen beginnen nu de meerwaarde te zien van de aanwezigheid van dieren binnen zorginstellingen.

Voor meer informatie over ZorgDier Nederland: www.zorgdier.nl

The Way (2010)

The WayWelk jaar zal het zijn geweest. Ik vermoed zo rond 1986. Een medebewoner van het studentenhuis en ik zaten ‘s avonds laat met een biertje lekker een eind weg te dromen. Ik had net mijn motorrijbewijs gehaald en we fantaseerden over welke reizen er nog voor ons in het verschiet lagen. Heel Europa, op z’n minst, en ver daarbuiten als het enigszins kon. Op de motor of te voet. Een van de voettochten waar we het regelmatig over hadden was de pelgrimstocht naar Santiago de Compostella. Er zijn diverse routes, diverse vertrekpunten, maar allen eindigen na een wekenlange of maandenlange wandeltocht in Santiago de Compostella in het noordwesten van Spanje. Volgens een legende bevindt zich hier het graf van apostel Jakobus en jaarlijks begeven vele duizenden gelovigen en niet-gelovigen zich op pad naar deze stad. Om te boeten, om het avontuur, om zichzelf weer terug te vinden of alleen maar om een paar kilo’s af te vallen. Voor ons was het een droom van een reis, en voor mij is het dat nog steeds, want ik heb nog geen voet verzet in die richting. Zo gaan die dingen, zo gaat het leven. Andere prioriteiten, of gewoonweg vergeten.

The Way (2010)The Way gaat over deze pelgrimstocht. Martin Sheen krijgt bericht dat zijn zoon (Emilio Estevez) overleden is, al op de eerste dag van zijn eigen bedevaartstocht naar Santiago. De vader gaat vertrekt naar Spanje om zijn zoon op te halen, maar ziet zichzelf even later op pad gaan om de tocht die zijn zoon begonnen is te voltooien. Samen met een kistje met de as van zijn zoon gaat hij op pad en krijgt weldra aansluiting van een aantal medereizigers. Een dikke Hollander, een kettingrookster uit Canada en een Ierse schrijver met een writers block. Ieder met zijn eigen reden om de tocht te maken trekken ze door het noorden van Spanje en komen zo met tegenzin meer tot elkaar en dichter bij zichzelf. Een mooie film. Het heeft er niet voor gezorgd dat ik nu opeens weer van plan ben deze wandeltocht alsnog eens te gaan maken, maar heeft er wel voor gezorgd dat ik veel zin heb om te gaan reizen. En dat reizen hoeft niet altijd te betekenen een reis naar de andere kant van de wereld, want iedere reis begint bij de voordeur en met een juiste houding en kijk op het leven. Dan kan zelfs een wandeling naar de plaatselijke supermarkt een heel avontuur worden.

Drainer Frank de Boer

Frank de Boer, wie kent hem niet. Ooit was hij een prima voetballer die regelmatig in het veld stond bij wedstrijden van het Nederlands elftal. Daarna ging hij op trainerspad en belandde zo bij Ajax, zoals zovele (Ajax)voetballers voor hem die allemaal meenden andere voetballers te moeten gaan coachen. Dat mag best, maar waarom hij? Net nog kwam hij aan het woord tijdens een interview op Radio 1. Ik heb zelden een meer deprimerende en saaie stem gehoord als die van Frank de Boer. Zuchtend en steunend staat hij de interviewer te woord, waarbij hij zijn lippen zo min mogelijk probeert te bewegen en er alle moeite voor doet aan te tonen dat hij er absoluut geen zin in heeft. Alle plezier die ik eventueel had van een leuke partij voetbal op tv wordt zo door Frank de Boer weer uit me gezogen. En zo iemand moet voetballers aansturen en enthousiasmeren? Je zou als profvoetballer toch snel een andere club gaan zoeken lijkt me, maar blijkbaar heelt geld vele wonden.

Ma Part du Gateau (2011)

Ma Part du GateauMa Part du Gateau (mijn stuk van de taart) is een film van Cédric Klapisch. Zijn film Chacun Cherche son Chat is nog steeds een van mijn lievelingsfilms mag ik wel zeggen, en niet alleen maar omdat de film gaat over een zoektocht naar een weggelopen kat in Parijs. De films van Klapisch kenmerken zich regelmatig door een aaneen vlechten van verschillende levens. In Chacun Cherche son Chat waren dat de levens van een grote verscheidenheid van mensen in een wijk in Parijs. Jong, oud, blank, zwart, Frans of immigrant.

Ma Part du GateauIn Ma Part du Gateau liggen de levens van de mensen wat verder uit elkaar. In Duinkerken woont een gescheiden vrouw met haar drie kinderen. Ze verliest samen met vele andere inwoners van haar stad haar baan omdat de fabriek waar ze werkte failliet gaat. Ze krijgt echter de kans om in Parijs te gaan werken als huishoudster, bij een welgestelde man die er zijn werk van gemaakt heeft ten koste van anderen veel geld te verdienen. Terwijl zij de strijk doet zit hij uren achtereen achter zijn computerschermen de beurstanden bij te houden. Wat zij nog niet eens verdiend in een jaar, verdient hij in een paar luttele seconden. Tijd voor zijn zoontje heeft hij niet, en omdat zij deze taak tegen een ruime vergoeding op zich neemt ziet ze haar eigen kinderen in Duinkerken ook steeds minder. Zo krijgt iedereen in het leven zijn eigen stukje van de taart, maar uiteindelijk ook een koekje van eigen deeg. Een mooie film en op en top Frans.

Freudiaanse versprekingen

De Freudiaanse verspreking. Ik ben er dol op, en tegelijkertijd doodsbang voor. Gelukkig zijn ze meestal onschuldig en wel grappig. De ergste zijn ongetwijfeld die waarbij je je geliefde wilt aanspreken en zich onderin je keel letters aaneen beginnen te rijgen van een vorige vriendin, of zomaar, iemand die je onlangs ontmoette en die een sterke indruk bij je achterliet. Dan ben je maar wat blij dat je op het allerlaatste moment kunt voorkomen dat die naam zich over je tong en langs je lippen heen weet te wurmen. Het blijft dan stil, op het gebonk in je borstkas na en wat gezucht. Daar kwam je gelukkig goed vanaf, al kan de verspreking nog zo onschuldig van aard zijn en heb je niets met die andere persoon.

Vanochtend, en heel onschuldig, keek ik op de klok en vervolgens in mijn agenda. Dat is niet de goede volgorde, ik het weet, en daarom schrok ik me rot toen ik zag dat ik om tien uur een afspraak had staan. Een vergadering. ‘Godver, ik moet naar een begrafenis!’ zei ik hardop en tegen mezelf. Kun je nagaan hoe ik aankijk tegen vergaderingen…

Toespraak Beatrix over vermeende troonsafstand uitgelekt

Het lijkt wel heel normaal. Vooraf aan een belangrijke mededeling of toespraak is deze al uitgebreid terug te vinden op internet. Op dit moment is het nieuws al bezig met voorbeschouwingen op de toespraak en wat men verwacht te zullen gaan horen. Bij deze alvast de uitgelekte versie:

Waarde landgenoten,

Ik ben het zat. Al vanaf 1980 pijp ik naar jullie dansen en ik heb me daar regelmatig behoorlijk door genaaid gevoeld. Altijd die stomme hoedjes, alsof ik dat leuk vond. Hoe komen jullie daarbij? Het was mijn moeder, Juliana, die er een traditie van maakte waar ik mezelf met tegenzin door heb laten wurgen. En dan dat kapsel. Hoe vaak ik niet een ander kapsel heb gewild, en altijd liet ik me weer tegenhouden door postzegels, munten en andere portretten die er in de loop van de tijd van mij zijn gemaakt. Ik maak graag beelden in mijn vrije tijd, van klei, maar het meest standvastige beeld was ik altijd noodgedwongen zelf. Na een lange dag, mijn overleden echtgenoot Prins Claus kan dat helaas niet meer bevestigen, rukte ik bij thuiskomst altijd meteen dat stomme hoofddekstel van mijn hoofd en stond dan een kwartier lang voor de spiegel met een handdoek mijn haren door de war te maken. Ik schuurde en schuurde het doek over mijn hoofd, soms tot bloedens aan toe. En bedenk dat het niet zomaar is dat ik bij iedere gelegenheid steeds weer een nieuw rothoedje op mijn kop droeg. De anderen vertrapte ik na een dag dragen of ik gebruikte ze als schietschijf tijdens het kleiduivenschieten. En dan nog de jurkjes. Praat me niet over die tuttige jurkjes. Ik vond ze zelfs te lelijk om in een plastic zak te stoppen en mee te geven aan het Leger des Heils, en gebruikte ze veel liever om mijn handen aan af te vegen tijdens het kleien of om mijn neus in te snuiten. Het is over, met dat stomme gedoe. Ik wil geen Koningin meer zijn. De reisjes waren leuk, zolang er niet te veel journalisten aanwezig waren of een hoop volk dat eens wilden komen kijken naar die eeuwig glimlachende en zwaaiende marionet van een Koningin. Dat zwaaien heeft me regelmatig onstoken slijmbeurzen bezorgd, dus ik hoop dat ik straks voor een allerlaatste keer mag zwaaien. Uitzwaaien, afzwaaien, het zal van harte zijn. Ik was lange tijd jullie Koningin, maar no more. Wat mijn zoon straks zal gaan doen is zijn zaak, mij zullen jullie niet meer zien. Doei!

Pakjes sigaretten met akelige foto’s

Het was laatst in het nieuws (linkje). In Australië worden pakjes sigaretten tegenwoorig verkocht zonder de aantrekkelijke layout van het merk, maar met een uniforme vormgeving en foto’s die het de roker duidelijk moet maken dat roken schadelijk is voor de gezondheid. In Nederland, of beter gezegd de EU, moet er nog over gediscussieerd worden tot 2015 of dit voor onze rokers ook een goed idee is. Ik moet zeggen dat ik het zelf ook een nogal harde en schoolse maatregel vind, al kan ik natuurlijk wel achter de waarschuwingen en het ontmoedigingsbeleid staan. Aan de andere kant, het is rotzooi, hoe lekker het ook kan zijn (ik heb zelf tien jaar gerookt), en het is maar beter als we er met z’n allen zo snel mogelijk vanaf zijn.

Sigi-box met akelige foto'sHet leuke van deze pakjes sigaretten met afbeelding is nog wel dat het eigenlijk al een heel oud idee is. In 2002 maakte ik twee varianten op de toen populaire Sigi box, een doosje met allerlei soorten opdruk die je naadloos over je net gekochte pakje sigaretten kon schuiven om jouw pakje zeg maar te personaliseren. Je eigen smaak, naast de unique taste of Marlboro. Ik ben benieuwd of het aantal rokers door pakjes zoals verkocht in Australië hierdoor zal gaan dalen. Ik kan me in elk geval wel voorstellen dat zeker de jongere rokers hierdoor vaak stiekem niét gaan roken, en dat zou natuurlijk een enorme verandering zijn.

4k-televisies

4k-televisiesMisschien is het je ontgaan, misschien ook niet. Er komt over een tijdje een nieuw broodje op de markt. Dat hoort zo, omdat anders de bestaande broodjes niet meer zoetjes over de toonbank gaan. Mensen raken dan te veel gewend aan de bestaande broodjes en de economie loopt dan gevaar dat men ze misschien wel prima gaat vinden, of nog erger, voldoende. Tevreden mensen is de dood van de handel. Afgelopen jaar kocht ik dan eindelijk een platte tv, hd kwaliteit. Daar hoort natuurlijk ook een nieuwe dvd-speler bij, blu-ray. Bij zo’n nieuwe hd-speler horen natuurlijk ook een paar nieuwe kijkgenotverhogende blu-ray disks, liefst van films die ik eerder al op Betamax had, toen op VHS, toen op Super-VHS en nog wat toener op dvd. En straks zitten we dus opgescheept met 4k.

lees verder »

Ziggo zakelijk zakkenvullen

Ziggo OfficepakkettenEr werd bij me aangebeld. Een meneer van Ziggo Zakelijk, met authentiek Ziggo plastic naamkaartje, kwam mij vrijblijvend en vanuit de gedachte van serviceverlening informeren over het Ziggo Officepakket, ‘aangezien u behalve Ziggo-klant ook geregistreerd staat bij de Kamer van Koophandel’. Dat klopt, maar ik heb geen zin in een verkooppraatje. ‘Dat is het niet, het is puur adviserend bedoeld’ en of ik daar interesse in had. Nou ja, even luisteren kan geen kwaad. Volgens de man zou het gewone pakket vanaf april niet meer aftrekbaar zijn van de belastingen zoals ik dat gewend was. Daarom zou het beter zijn als ik zou overstappen naar het Officepakket. Ik hoefde alleen maar ter plaatse het aanvraagformulier in te vullen (‘Dit is geen contract, dat komt later’). Dat heb ik uiteraard niet gedaan en eerst even bij mijn boekhouder geïnformeerd. Daar wisten ze nergens van en ze gingen het meteen voor me uitzoeken. Blijkt dus niets van waar te zijn. Alles blijft zoals het was en een alles-in-één-pakket blijft dus maar ten dele aftrekbaar. Overstappen op een zakelijk abonnement kan, maar levert je niks op. Alleen twee telefoonlijnen (die ik niet nodig heb), een dubbele downloadsnelheid (snel is snel genoeg), en uiteraard zo’n 25 euro per maand duurder. Het is dus een beetje een vreemd en misleidend (verkoop)praatje aangezien het hoofdargument niet blijkt te kloppen. Niet op ingaan dus! Dat doe ik zelf uit voorzorg aan de deur sowieso al nooit.

Dooiaanval

Dit weekend krijgen we een dooiaanval, en da’s mooi. Sterker nog, dat is hoognodig, al was het alleen maar om ervoor te zorgen dat er een einde komt aan dat ieder jaar terugkerende vreselijke gewauwel over de kansen op een Elfstedentocht. Ieder journaal, ieder weerbericht, ieder actualiteitenprogramma, iedere krant, landelijk of lokaal, vond het nodig telkens weer aandacht te besteden aan mensen met mutsen op ijzers. ‘Ja, die Elfstedenkoorts hè!?’, ‘Dat geluid van de ijzers op het gladde ijs, zo mooi!’, ‘Ik wel, ik ga schaatsen. Ik heb er 300 kilometer voor gereden!’. Da’s mooi, voor die mensen, maar wat een Hollandse doordraverij. Het lijkt wel alsof iedere Nederlander die men interviewde familie is van Mart Smeets. Ik betrapte me erop dat ik keer op keer aan het uitkijken was naar meldingen van mensen die met hun scherpe ijzers door het ijs waren gezakt, of het ijs niet konden bereiken omdat ze met hun autootje naast de weg waren beland. Zo mooi!

Echt waar, ieder zijn hobby, maar laat die dooiaanval alsjeblieft hevig doorzetten, tot minimaal twintig graden boven nul. Zodat we snel door kunnen naar de lente en de zomer, zodat ieder journaal, ieder weerbericht, ieder actualiteitenprogramme, iedere krant, landelijk of lokaal, weer beelden kan gaan uitzenden van mensen die afkoeling zoeken vanwege aanhoudende hitte en geínterviewde Nederlanders alleen nog maar puffend en zwetend kunnen reageren op vragen vanuit de media. ‘Pfff, oh wat is het toch vreselijk warm, we zitten al de hele dag aan het strand. Vreselijk!’.

2001: A Space Odyssey (1968)

2001 A Space OdysseyWat een unieke film, nog steeds. De special effects, het verhaal, de beeldtaal, alles was zijn tijd ver vooruit. Het heeft geen zin om verder iets over deze film te vertellen, daar hebben anderen al heel erg veel tijd aan besteed, zoals deze website. Wat wel belangrijk is om te vermelden, voor wie de film zelf ook nog een keer wil gaan herbekijken, is een goede keuze van het tijdstip en eventueel het gezelschap. Om goed in de film te komen is het belangrijk je niet te laten afleiden. Dus geen mobiele telefoon bij de hand, niet te veel kletsen tijdens de film (al is dat nog zo verleidelijk bij een film van twee en een half uur), niet te veel alcohol drinken (maar ook niet te weinig), en een goede zit- of ligpositie naar eigen voorkeur. Eigenlijk kun je de film het best alleen kijken denk ik, of in het pikkedonker in een bioscoop. Dan is het nog steeds een film om enorm van te genieten en een ervaring, van het andere soort als het zintuigenbombardement van films als Transformers, Star Wars en dergelijke. Ook voor wie alleen maar wil kijken naar de secure wijze waarop Stanley Kubrick zijn filmbeelden heeft gecomponeerd, waarbij alles het totaalbeeld ten goede moest komen, inclusief de aanwezigheid van de acteurs. Alles is tot in de puntjes geregeld, als met behulp van eeen computer. Echter, de uiteindelijke ervaring, de climax, is er een die niet begrepen kan worden via alleen maar eentjes en nulletjes, maar alleen met gevoel en overgave. Misschien dat dat de reden is waarom het meest centrale personage in de film, de supercomputer HAL die niet in staat is fouten te maken, uiteindelijk moet sterven, om het voor de mens mogelijk te maken de volgende sprong te kunnen maken in zijn evolutie.

Toekomstdromen

Sommige van mijn nachtelijke dromen gaan over de toekomst. Twee daarvan waren zo realistisch dat ik ze hier even wil vermelden. De eerste droom ging over een tijd, helaas nog niet erg dichtbij vermoed ik, waarin de wereld zich verenigd had en er nog maar nauwelijks conflicten bestonden tussen landen of bevolkingsgroepen. Zuid-Afrika was het land waar de wereldregering zetelde en de eerste ruimtehaven op aarde was gelokaliseerd in Johannesburg. Waar die reizen met ruimteschepen naartoe gingen weet ik niet, zover reikte mijn droom helaas niet. De keuze van Zuid-Afrika vind ik eigenlijk zo gek nog niet. Redelijk vlak, goed klimaat, en geologisch stabiel. Een mooi vertrekpunt voor een veelbelovende toekomst.

Mijn tweede droom was zo mogelijk nog realistischer. Ik bevond me opeens zomaar op de maan, zonder ruimtepak. Ik kon gewoon ademen en had het niet koud. Terwijl ik daar op handen en voeten voortkroop merkte ik dat het oppervlak van de maan vreemd hard aanvoelde. Ik sloeg met mijn vlakke hand op de bodem en er klonk een metaalachtig geluid. En hol! Wat een ontdekking! Dat astronauten die op de maan zijn geweest dit nooit is opgevallen is heel goed te verklaren. Ze droegen namelijk altijd een dik ruimtepak en een helm en hadden het nadeel dat er geen atmosfeer aanwezig was, zoals in mijn droom. Ik heb gelezen dat in 2015 de Russen weer naar de maan willen gaan. Bemand of onbemand lijkt het me dan een goed idee om een flinke schep of boor mee te nemen om een flink gat mee te kunnen graven. Wie weet wat er zich allemaal in het binnenste van de maan bevindt.

Slimme dieren

Schotse HooglandersWat kunnen dieren toch slim zijn. ‘Ja, dat lijkt maar zo, dat komt door de evolutie’ hoor ik nu sommigen denken. Dat zou best kunnen, maar ook mijn eigen slimmigheid is het gevolg van evolutie, te weten domme fouten maken en het een volgende keer anders proberen te doen. Gisteren stond ik verbaasd te kijken hoe een groepje Schotse Hooglanders de bovenste takjes van jonge boompjes binnen mondbereik wisten te krijgen. Heel simpel eigenlijk. Ze lopen vlak langs een jong boompje door, en hun breed naar buiten staande horens doen de stammetjes, terwijl ze rustig verder lopen, naar beneden buigen totdat de top zich precies voor hun neus bevindt. Ze hoeven er in principe niet eens hun hoofd voor op te tillen. De twee dieren op deze foto doen dat toevallig wel omdat deze boompjes toch niet zo hoog zijn en een beetje lichaamsbeweging is nooit verkeerd. De hele methode deed me denken aan oogstmachines, hoe deze langzaam over het land heen rijden en onderweg via slimme mechanieken al het eetbare van het land halen. Deze Schotse Hooglanders doen eigenlijk precies hetzelfde, alleen zij denken er niet bij na.

Lewis Hine

Lewis HineEen paar weken terug heb ik alsnog, op de laatste dag, een bezoek gebracht aan de tentoonstelling over Lewis Hines. Iedereen kent wel die foto waarbij een hele rij bouwvakkers gemoedelijk naast elkaar zit te lunchen op een stalen draagbalk. Een paar honderd meter boven de grond. Hij was een van de eerste fotografen, zo niet de grondlegger, van de reportagefotografie. Met zijn grote vierkante doos van een fotocamera (spiegelreflexcamera’s bestonden toen niet niet) legde hij het leven vast uit zijn tijd. Hij was erg sociaal betrokken en maakte de beroemde reportage van de bouw van het Empire State Building, maar daarnaast trok hij er ook vaak op uit om de eenvoudige arbeider te fotograferen, als die al werk had, en anders de werkloze arbeider in zijn noodgedwongen armoedige leventje.

Lewis HineDe foto’s van Lewis Hine zijn indringend, op een niet indringend of opdringerige manier. Hij liet gewoon zien hoe het was, met uitzondering van zijn gestyleerde foto’s van arbeiders waarmee hij de arbeiders wilde laten zien dat ze zich niet minderwaardige moesten voelen als arbeider, maar juist trots. Een beroemde foto in deze serie is de foto waarbij een arbeider enorme moeren aandraait van een machine. Het verhaal gaat dat deze foto voor Charlie Chaplin een inspiratie was toen hij zijn film Modern Times ging opnemen.

Lewis HineNaast deze trotse arbeiders fotografeerde hij ook veelvuldig kinderarbeid, toen nog heel normaal in Amerika. Prachtige portretten van kinderen in fabrieken, vaak met een onscherpe achtergrond waardoor de kinderen zelf nog meer uit de foto los lijken te komen. Op een kleine foto zaten een paar kleine kinderen op de stoep, samen met een meisje van een jaar of acht. De ondertitel: Werkloze kinderen passen op de kleintjes. Andere tijden, hoewel, in veel delen van de wereld is kinderarbeid nog steeds aan de orde van de dag.

Voor wie de expositie gemist heeft, een boek met het overzichtswerk van Lewis Hine is te koop in de boekenwinkel van Fotomuseum Rotterdam. Ik loop er sterk aan te denken dit boek alsnog te bestellen. In tegenstelling tot veel foto’s uit de kranten van vandaag blijven de foto’s van Lewis Hine nog lang door je/mijn hoofd spoken.

Lance Armstrong

Ik heb gisteren en vandaag geen uur radio kunnen luisteren zonder het interview van Lance Armstrong met Oprah Winfrey voorbij te horen komen. Zeven jaar lang, en nog heel wat jaartjes daarna, heeft hij iedereen bedrogen en met laster besmeurd als zijn ‘eerlijkheid’ in twijfel werd getrokken. Dat hij nu ‘boete’ doet is alleen maar de volgende show die hij op zal voeren om te redden wat er nog te redden valt. Nooit meer laten fietsen en ook nooit meer aan wedstrijden laten meedoen, al is het een wedstrijd zaklopen. Als hij toch nog graag aan sport wil blijven doen moet hij dat maar in zijn eentje doen, op een fiets in het bos. Als hij straks na alle schadeclaims nog geld over heeft om een fiets te kunnen kopen.

Ik denk erover om ook een schadeclaim in te dienen. Zonder publiek geen sport, en ik heb iedere Tour de France achter de tv gezeten, hopende op drie weken spanning. Maar iedere keer was er die verdomde Armstrong die iedereen er met schijnbaar gemak uitfietste. Wat was ik blij na die zevende tourzege dat hij ermee ging stoppen. Eindelijk weer kans op een Tour zoals vroeger, met onverwachte ontsnappingen en spanning tot in de laatste week. Wat waren die zeven jaren saai. Lance Armstrong heeft niet alleen maar iedereen binnen de wielersport bedrogen, maar ook iedere supporter, thuis of langs de weg. Hij heeft miljoenen mensen zeven keer drie weken plezier ontnomen, en dat allemaal alleen maar voor zijn eigen Goddelijke ego. Snel vergeten deze man.

Muziek van Hawkwind in Ford reclame B-MAX

HawkwindIk vraag me af wat de jongens van Hawkwind dachten toen autofabrikant Ford had besloten dat hun nummer Masters of the Universe wel geschikt zou zijn om te gebruiken bij de commercial van de B-MAX, een nieuw model van Ford. Jongens kun je het trouwens niet meer noemen. Hawkwind is een Engelse spacerockband, opgericht in 1969, en de oudste leden van de band zijn inmiddels de zeventig gepasseerd. Ze maakten destijds stevige muziek die te hard en te dromerig was voor de hitlijsten, maar populair in de undergroundcultuur van die tijd en een inspiratiebron voor veel latere bands, waaronder The Sex Pistols. Een van de leden van het eerste uur, Lemmy, stapte trouwens later uit de band om Motörhead op te richten, en weten allemaal hoe hard die jongens kunnen spelen.

Hawkwind - In Search of SpaceHawkwind was een band die zich met name in de begintijd liet inspireren door thema’s uit de sciencefiction literatuur. Schrijver Michael Moorcock was zelfs een tijd verbonden aan de groep als leverancier van teksten. De bedoeling was, met of zonder hulp van marihuana, om in hogere sferen te komen. Hogere sferen, marihuana, underground, toekomstvisies, wat zou de gedachte van de bedenkers achter de commercial zijn geweest? Het nummer zelf, Masters of the Universe, is afkomstig van de lp In Search of Space. Met zijn naar de zijkanten openslaande deuren zonder middenstijl zou dat misschien nog de beste link kunnen zijn naar de B-Max. In Search of Space, op zoek naar ruimte. Ik weet zeker dat het niet de fysieke ruimte was waarnaar de leden van Hawkwind destijds naar op zoek waren. Hopelijk levert het hun wel weer genoeg geld op om nog wat extra platen te gaan opnemen. De groep bestaat nog steeds, en mij spreekt de muziek nog steeds aan. Ook nog steeds op zoek naar space denk ik.

Hawkwind live in 1972, met het nummer Silver Machine »

Het kalme cynisme van Herman van der Zandt

Herman van der ZandtHerman van der Zandt is nieuwslezer bij de NOS. Regelmatig presenteert hij het Zesuurjournaal en andere door de NOS uitgezonden programma’s. Afgelopen jaar presenteerde hij de uitslagen van de Tweede Kamer Verkiezingen. Het was al wat later op de avond en de einduitslag was al zo’n beetje bekend. Herman kwam in beeld en kon nog maar met moeite zijn arm optillen om op het scherm de stijgers en dalers te laten zien. Hij zuchte regelmatig en ‘Ach, en deze geloven we ook wel’ en tikte dan meteen een hele rij kleinere partijen aan om maar snel door te kunnen naar de volgende gemeente. Daarna liet hij verveeld zijn arm omlaag vallen en zijn ogen vertelden ons dat hij veel liever thuis was gebleven of al in bed had willen liggen. Verveeld of een enorm relativerend soort cynisme? Ik vermoed het laatste. Tijdens het Zesuurjournaal is hij natuurlijk gebonden aan wat er op zijn papiertje staat geschreven, maar daar tussendoor en achteraf is hij vrij om zelf zijn tekst te verzinnen om bijvoorbeeld het nieuws te verbinden met het weerbericht. Voor mij inmiddels het moment waarop ik ieder journaal zit te wachten. Hoe zal hij zich omdraaien naar de weerkaart van Nederland en wat zal hij dan zeggen tegen de weerman of weervrouw. Na een of andere ramp in een of andere uithoek van de wereld: ‘En gebeurt er in Nederland nog iets interessants?’ of ‘Dat is geen al te scherpe foto die je daar achter je hebt staan’. En gisteren nadat op een scherm te zien was hoe een half-hysterische Adele de Golden Globe in ontvangst nam voor haar helemaal niet zo geslaagde titelsong van de laatste James Bond: ‘Die was onder de indruk blijkbaar’. Heerlijk, hoe nuchter deze man kan zijn. Voor mij mogen zijn one-liners ooit weleens gebundeld worden in een boekje. Ik vraag me alleen af hoe dat straks moet als Herman de opvolger wordt van Mart Smeets, als het aan Mart Smeets zelf ligt. Misschien verdwijnt dat cynisme dan wel als sneeuw voor de Franse zon en verandert cynisme in uitbundig enthousiasme als hij verslag gaat doen van de Tour de France. Ik hoop het niet, na Mart Smeets heeft de sport nodig behoefte aan een kritische en nuchtere kijk op de sport.

Skills, oftewel ‘Wat kan ik zoal’

Het is dringen op de arbeidsmarkt. Nu de banen schaars zijn moet iedereen zijn uiterste best doen om in de picture te komen, en een van de manieren daarvoor op internet is LinkedIn. Je kunt jezelf daar ‘verbinden’ met andere professionals binnen je eigen werkveld of daarbuiten, en aan de wereld laten zien wat je ervaring is en een opsomming geven van je talenten en opleidingen. Een cursusje van een middag mag daar ook gerust bij staan. Hoe langer de opsomming hoe indrukwekkender. Sommigen (Hollandse jongens en meiden) doen dit bij voorkeur tevens in het Engels. Cool! Nu heb ik zelf laatst een workshop social media bijgewoond. Het was een avondje, met een compacte presentatie en een zeer korte ‘zelf aan de slag’ sessie van een half uurtje. Ik zou het als expertise aan mijn eigen opsomming kunnen toevoegen: experienced social media advisor. Dat ‘advisor’ heb ik er maar aan toegevoegd omdat ik bij het maken van een website klanten uiteraard ook adviseer op het gebied van social media. En dus ben ik een advisor. Vet!

lees verder »

Documentaires

Colour BarDe laatste tijd ben ik weer wat meer tv aan het kijken. Het meeste van wat er tegenwoordig op tv uitgezonden wordt is troep, maar de krenten in de pap zijn nog steeds van hoge kwaliteit. Zo laat ik me steeds weer verleiden tot het kijken naar Engelse detectives, al was het alleen maar om wat van het Engelse landschap te kunnen zien, en komen er prachtige documentaires voorbij. Gisteren nog zag ik op de BBC een aflevering van de serie Coast, waarbij men de hele kustlijn van Groot-Brittanië aan het volgen is en men vertelt over de historie van dat stukje kust en hoe het er nu aan toegaat. Ook een geweldig programma voor eventuele vakantiebestemmingen. Nog een vermeldenswaardige documentaire was die over fotograaf Gregory Crewdson die foto’s maakt zoals een filmregisseur een scène dirigeert voor een film. Deze documentaire werd afgelopen week uitzonden door de VARA in de serie Close-Up. En vanochtend raakte ik op de zender België ÉÉN onbedoeld verzeild in de documentaire Colour Bar.

lees verder »

Het gemiddeld verbruik van een plumeau

Kattenspeelgoed: PlumeauMissy, mon chat, houdt wel van un plaisiertje op zijn tijd. Ze is nog ontzettend speels, en omdat ik dat inmiddels iets minder ben zijn er gelukkig allerlei hulpmiddelen te koop om katten te vermaken met zo min mogelijk inspanning voor de eigenaar. Daar zijn zo de balletjes. Ik heb er inmiddels zo’n 5 stuks, drie gekleurde gummi ballen en twee rieten met een balletje erin, en allemaal zijn ze spoorloos. Meestal kom ik ze bij toeval weer tegen, vaak tijdens het stofzuigen. Een plumeau die ik voor haar kocht is hier een hit. Ik kan zijdelings op de bank hangen en hoef dan maar een beetje met het stokje te bewegen om haar helemaal gek te krijgen. Soms verstop ik het uiteinde onder een kussen waarna ze er met haar pootjes onder gaat graven. Allemaal heel leuk om te zien, alleen gaat het nogal hard met die plumeau’s op deze manier. Ik denk dat het gemiddeld verbruik op dit moment zo 1 op 7 is. Een plumeau per week. Meestal hang ik daar nog wel een paar extra dagen aan vast voordat ik een nieuwe tevoorschijn haal. Ze kosten maar 80 cent per stuk, maar ja, met al die bezuinigingen…

Over linkse en rechtse sokken

Zoals iedereen wel weet is er bij mensen, en alle andere levende wezens ook trouwens, een verschil te zien tussen voeten aan de linkerzijde en voeten aan de rechterzijde van het lichaam. Daarom kun je bij schoenwinkels ook altijd schoenen kopen per paar. Een linkerschoen en een rechterschoen. Daar is over nagedacht! Bij sokken maakt dat niet zoveel uit. Sokken zijn gemaakt van flexibel textiel en die stof vormt zich naar je voet, maakt niet uit welke van de twee je over welke voet heen trekt. Toch zijn er merken sokken die daar wel een verschil in hebben aangebracht, zoals Falke. Die leveren per paar sokken een linker- en een rechtersok. Om duidelijk te maken welke sok voor welke voet bedoelt is hebben ze er een ‘L’ en een ‘R’ op aangebracht. Handig. Voor zolang die ‘L’ en die ‘R’ nog duidelijk te zien zijn. Helaas worden de letters na iedere wasbeurt vager en vager, en vanochtend had ik alle moeite ze nog te kunnen ontdekken. Het duurde een hele poos voordat ik bij een paar zwarte sokken een hele vage ‘L’ ontdekte op een van de exemplaren. Wat er op die andere sok stond heb ik niet meer kunnen achterhalen, en er zat toen niks anders meer op dan maar een ander paar sokken uit de lade te pakken. Verschillen aanbrengen kan soms nuttig zijn, maar dan moet het onderscheid wel te allen tijde duidelijk zijn.

Sportscholen

Ik heb het twee keer geprobeerd, zo’n sportschool, maar beide keren hield ik het na een maand of twee voor gezien. De constante muziek, de airco, de toestellen waar je iets mee moet, het heeft voor mijn gevoel niks met sport te maken. Het is een soort opwarmingshal waar je je kunt voorbereiden om daarna aan sport te kunnen gaan doen. Ooit zijn die toestellen omtworpen om sporters te helpen hun spieren te trainen of hun conditie op peil te houden in tijden van extreme kou of gebrek aan tegenstander of wedstrijden. Het doel was te allen tijde om daarna beter voor de dag te kunnen komen op de atletiekbaan, het voetbalveld of achter het net met een tennisracket in je hand. Nu is het een doel op zich en doe je aan sport als je een abonnement hebt bij een sportschool. ‘Ik ga sporten. Oh, en wat voor sport doe je dan? Nou nee, ik zit op een sportschool’. Geen tegenstander, geen spelelement. De fanatieke sportschoolbezoeker zou daar nog tegenin kunnen brengen dat hijzelf zijn eigen tegenstander is, grenzen verleggen en meer van dat soort dingen. Met een oortje in of een tablet-pc in je hand zeker. Hoeveel dingen kan ik tegelijkertijd zou dan een grensverlegging kunnen zijn. Fietsen, muziek luisteren en tv-kijken tegelijkertijd, en dan zullen er ook nog bij zijn die kunnen luisteren naar wat hun ‘sportmaatje’ te vertellen heeft die naast hun aan het zweten is. Kortom, niks voor mij zo’n sportschool. Veel liever ga ik het bos in om een stukje te joggen, en luister dan graag naar de wind die in mijn oren suist en naar de vogels in de bomen. Of lekker lang wandelen over de heide, of gewoon, te voet boodschappen doen. Niet echt een sport misschien, maar ik ben er achteraf altijd behoorlijk moe van.

Binnenkort ga ik naar een sportschool. Ja, ik spreek mezelf graag tegen. Ik ga er niet naartoe als doel en ook niet om er te blijven, maar wel als opwarmertje om daarna weer buiten te kunnen gaan joggen. Ik heb al veel te lang niks meer aan mijn conditie gedaan en om dan meteen weer de pas erin te zetten voelt niet goed. Ook al niet omdat ik regelmatig last heb van astma, en dan ga ik liever eerst even wat conditie opbouwen in een sportschool dan na twee bomen weer terug naar huis te moeten fietsen. Ze hebben dus echt wel nut die sportscholen, maar met sport heeft het niks te maken.

Bengaals leer

LeerwerkerGreenpeace is een actie gestart tegen (te) goedkope kleding. Zoals iedereen wel weet wordt er een hoop kleding geproduceerd in lagelonenlanden waar men het niet zo nauw neemt met regels rond arbeidsvoorzieningen en arbeidsomstandigheden en is kinderarbeid, hoewel verdekt, nog steeds aan de orde van de dag. Hier in Nederland komt je daar weinig over te weten, en eerlijk gezegd let ik er zelf ook nauwelijks op als ik tijdens de uitverkoop op zoek ga naar wat prijspakkertjes. Liefst goedkope kleding die ook nog eens 50% is afgeprijsd. Ga je kijken op de labeltjes dan zie je bijna altijd Made in China, Indonesia of Bangladesh. Na het zien van de documentaire Bengaals leer op Canvas ga je er toch heel anders naar kijken, als je leven je lief is. Mannen, vrouwen en kinderen staan daar met hun blote voeten in allerlei chemische troep die nodig is om het leer te looien, waaronder Chroom 6, een kankerverwekkende stof. Het spul wordt gewoon in slootjes op straat gedumpt en later weer in emmers gegoten voor hergebruik. Bijna iedereen die er werkt heeft gezondheidsklachten, van luchtwegaandoeningen tot huidklachten en kanker. En als je dan nog steeds denkt dat het lekker ver van je bed is, werden de schoentjes onderzocht die je in Frankrijk, en zeer waarschijnlijk ook in Nederland, gewoon in de winkels kunt kopen. Chroom 6 drijft niet alleen maar rond in Bengaals water, het zit ook nog steeds in het leer van het eindproduct, en dit chemische goedje dringt alsnog via de huid het lichaam binnen van nietsvermoedende Europese consumenten: ‘De ergste gevolgen zijn vanzelfsprekend voor de arbeiders in de Bengaalse fabriekjes. Maar giftige schoenen dragen kan ook voor de consument gevolgen hebben. Ook bij Christel Robert: Eerst kreeg ik pukkels op mijn voeten, daarna begonnen mijn voeten uit te drogen en te vervellen.’ Hier in Nederland heet een leerbedrijf een bedrijf waar je een vak kunt leren, voor later. In Bangladesh leer je een vak, voor zolang je lichaam het volhoudt.

Wat de waker niet weet

Als je slaapt weet je niet wat er met je gebeurt. Je ligt daar maar, ondergedompeld in je eigen wereldje van dromen en draaien. Daarbuiten is er een andere wereld, die van de wakenden. Als je wakker wordt en je staat op, nog omgeven van flarden droombeelden, denk je dat je de slaap achter je gelaten hebt. De al niet meer zo heldere beelden lossen zich snel verder op, tot er alleen nog maar een vaag gevoel overblijft van wel of niet rustige slaap. Als je die beelden al niet meteen bij het opendoen van je ogen vergeten bent. Maar ik ben er nog steeds niet van overtuigd dat de slaap alleen maar bedoeld is om je lichaam te laten rusten en alle overbodige indrukken die je overdag tot je genomen hebt uit je geest te filteren. Slapen en dromen nemen een derde van je leven in beslag. Waarom zouden we dat deel dan afdoen met ‘niet echt’ en ‘niet relevant’? En wie zegt dat die wereld van dromen niet een wereld op zich is, naast de onze waarin we elkaars dromen keer op keer in duigen laten vallen omdat ze zogenaamd niet overeenkomen met de eisen van de ‘werkelijkheid’.

Neem nou vannacht. Ik droomde dat ik ergens op bezoek ging in een grote stad. Geen bepaalde stad, zomaar een enorm grote stad met een uitgebreid netwerk aan straten en steegjes en te weinig parkeergelegenheid. Ik doolde dus rond door die stad, steeds onrustiger omdat ik maar geen parkeerplek kon vinden. Uiteindelijk vond ik een plekje dat eigenlijk geen plekje was. Ik was het zat en besloot mijn auto daar toch maar te parkeren, in de hoop dat het door de beugel kon wat betreft de autoriteiten van die stad. Vanochtend werd ik wakker en besefte tot mijn schrik dat mijn auto daar nog steeds staat. En ik kan er nog niet bij want ik ben net wakker en heb nog vanalles te doen. Nu hoop ik maar dat er vandaag, terwijl ik in de wereld van de wakenden vertoef, er in die andere wereld niet een of andere eikel van een parkeerwachter rondloopt die van de gelegenheid gebruik gaat maken een flinke bon uit te schrijven.

Cabaret

DVD Ronald GoedemondtRond de jaarwisseling zijn er altijd wat cabaretvoorstellingen op tv. Ik hou erg van cabaret en ik heb er dan ook een aantal gezien. Die van Theo Maassen, Ronald Goedemondt, Guido Weijers en van de belg Michael van Peel. Als ik naar een cabaretvoorstelling kijk kan ik me goed voorstellen hoe een voetbalsupporter zich voelt. Lekker schreeuwen tegen de scheidsrechter, vloeken tegen andere spelers op het veld, zwaaien en schoppen tegen het lijf van je tegenstander. Als supporter kun je dat niet, dat laat je aan de mensen op het veld over. Je leeft alleen heel erg met ze mee. Als een cabaretier iemand in de zeik zet zit je als toeschouwer in de zaal of thuis op de bank en denkt ‘Ha, ja! Net goed! Kleed die klootzak maar eens goed uit!’. Alles wat er mis is in de wereld wordt verwoord door de man of vrouw op het podium, en het publiek lacht en knikt ‘Ja, zo is het’. Op het einde van het jaar wordt alles duidelijk en krijgt alles nog even wat het verdient of waar het recht op heeft. Alle opgekropte woede en frustraties, teleurstellingen en wanhoop krijgen dan alsnog een plek. Het meest kwam dit natuurlijk weer tot uiting bij de voorstelling van Theo Maassen. De voorstelling van Guido Weijers vond ik erg gezapig dit jaar. Het lijkt alsof hij met name zichzelf ieder jaar leuker gaat vinden. Waar ik persoonlijk nog het meest bij gelachen heb was ‘Binnen de lijntjes’ van Ronald Goedemondt. Niks over actuele zaken of politiek, en dat is ook weleens een verademing.